2
17/06/2026
Affaires étrangères, Affaires européennes et
Coopération au développement) sur "Le
chantage au pétrole de la Russie" (56016798C)
- Annick Lambrecht à Maxime Prévot (VPM
Affaires étrangères, Affaires européennes et
Coopération au développement) sur "La guerre
en Ukraine" (56016872C)
- Els Van Hoof à Maxime Prévot (VPM Affaires
étrangères,
Affaires
européennes
et
Coopération au développement) sur "L'Ukraine"
(56017026C)
De voorzitster: Mevrouw Depoorter, u hebt drie
vragen ingediend. U krijgt vier minuten spreektijd.
01.01 Kathleen Depoorter (N-VA): Mevrouw de
voorzitster, mijnheer de minister, om de finish niet
te laat te maken, zal ik verwijzen naar de
schriftelijke versie van mijn vragen.
De voorzitster: Op die manier gaat het vlug.
Volgens recente berichtgeving dreigt Rusland
opnieuw met de inzet van de beruchte “Oreshnik”raket tegen Kiev, waarbij expliciet verwezen wordt
naar een “laatste waarschuwing voor Brussel”.
Die dreigende taal kadert in een bredere strategie
van intimidatie tegenover Europa en de NAVO, met
toenemende hybride dreigingen, cyberaanvallen
en nucleaire chantage. Voor België, als gastland
van de Europese instellingen en de NAVO, is dat
geen abstract geopolitiek conflict meer, maar een
rechtstreekse veiligheidsuitdaging.
Graag verneem ik het volgende van u:
1. Hoe beoordeelt de minister de expliciete
Russische dreiging richting Brussel en de
Europese instellingen?
2. Beschikt België over actuele analyses van de
mogelijke militaire en hybride risico’s verbonden
aan dergelijke Russische escalatieretoriek?
3. Heeft België hierover overleg gepleegd binnen
de NAVO en de Europese Unie, en welke
bijkomende
veiligheidsmaatregelen
worden
overwogen?
4. Acht de minister het nodig om de bescherming
van kritieke infrastructuur en Europese instellingen
op Belgisch grondgebied verder op te schalen?
5. Welke diplomatieke initiatieven ondersteunt
België om verdere escalatie tussen Rusland en
Europa te vermijden zonder toegevingen te doen
aan nucleaire intimidatie?
De vraag wie namens Europa met Rusland aan de
onderhandelingstafel moet zitten, dringt zich
steeds nadrukkelijker op. Nu het vertrouwen in de
KAMER-3E ZITTING VAN DE 56E ZITTINGSPERIODE
2025
CRIV 56 COM 394
Amerikaanse bemiddeling daalt en de VS duidelijk
andere prioriteiten heeft, beseffen steeds meer
Europese landen dat Europa zelf een actievere rol
moet opnemen in de vredesonderhandelingen.
Premier Bart De Wever en de Franse president
Emmanuel Macron spraken de voorbije maanden
hardop uit dat Europa zelf met Rusland zou moeten
praten, in plaats van de onderhandelingen over te
laten aan de Verenigde Staten. Ook Oekraïne zou
Europa graag rond de tafel zien, om sterker te
staan tegenover Rusland. Verschillende namen
circuleren als mogelijke Europese onderhandelaar:
buitenlandvertegenwoordiger Kaja Kallas, oudpremier Mario Draghi, de Finse president
Alexander Stubb, de huidige bondskanselier
Friedrich Merz, de Franse president Macron, en
zelfs oud-bondskanselier Angela Merkel die
Russisch spreekt, Zelensky kent én jaren ervaring
heeft in onderhandelen met Poetin. Maar de
discussie over een naam verdoezelt een
fundamentelere vraag.
Graag verneem ik het volgende van u
Volgende week bespreken de ministers van
Buitenlandse Zaken deze kwestie tijdens een
informele gedachtewisseling in Cyprus. Welke
Belgische positie zal u daar innemen over de vraag
wie Europa moet vertegenwoordigen in eventuele
gesprekken met Rusland?
Premier De Wever heeft zich eerder uitgesproken
voor een Europese onderhandelingsrol. Hoe
vertaalt die uitspraak zich in een concreet Belgisch
standpunt over het mandaat, de scope en de rode
lijnen van zulke onderhandelingen?
Hoe garandeert u dat eventuele Europese
gesprekken met Rusland steeds in nauw overleg
met Oekraïne verlopen, zodat geen akkoord wordt
opgelegd zonder Oekraïense instemming?
In de nacht van 1 op 2 juni jongstleden heeft
Rusland een grootschalige aanval uitgevoerd op
meerdere Oekraïense steden, waaronder de
hoofdstad Kyiv. Daarbij werden naar schatting 600
drones en kruisraketten ingezet, alsook zwaardere
wapensystemen waarvan een deel de Oekraïense
luchtverdediging wist te omzeilen. De aanval
veroorzaakte aanzienlijke schade aan energie- en
woninginfrastructuur
en
eiste
meerdere
mensenlevens. Deze escalatie kadert in wat wordt
beschouwd als een Russische vergelding naar
aanleiding van het vastlopen van het eigen
offensief.
Tegelijkertijd hebben de Oekraïense strijdkrachten
hun operaties op Russisch grondgebied
geïntensiveerd, met als doelwitten militaire
installaties,
logistieke
infrastructuur
en
2026
CHAMBRE-3E SESSION DE LA 56E LÉGISLATURE