CRIV 56 COM 429
combattante de l'EI et de son enfant"
(56017418C)
- Sam Van Rooy à Maxime Prévot (VPM Affaires
étrangères,
Affaires
européennes
et
Coopération au développement) sur "L'arrêt
concernant le rapatriement d'une djihadiste de
Syrie et de sa fille" (56017948C)
04 Samengevoegde vragen van
- François De Smet aan Maxime Prévot (VEM
Buitenlandse Zaken, Europese Zaken en
Ontwikkelingssamenwerking)
over
"De
weigering om een tienjarig Belgisch meisje dat
in Syrië vastzit te repatriëren" (56016627C)
- Alexander Van Hoecke aan Maxime Prévot
(VEM Buitenlandse Zaken, Europese Zaken en
Ontwikkelingssamenwerking) over "Het arrest
van het Brusselse hof van beroep over de
terugkeer van een IS-strijdster en haar kind"
(56017418C)
- Sam Van Rooy aan Maxime Prévot (VEM
Buitenlandse Zaken, Europese Zaken en
Ontwikkelingssamenwerking) over "Het arrest
over het terughalen van een Syrië-jihadiste en
haar dochter" (56017948C)
04.01 François De Smet (DéFI): En audience de
la Cour d’appel de Bruxelles relative au contentieux
portant sur le rapatriement d’une enfant de 10 ans
détenue en Syrie depuis 2017, l’État belge a
déclaré par la voix de son conseil qu’il ne prévoyait
pas de condition de rapatriement pour cette fille de
moins de douze ans, même si elle devait être
rapatriée seule. "L’État belge ne prend pas de
disposition particulière pour une personne détenue
dans un camp syrien", a encore ajouté l’avocate de
l’État fédéral, sans faire de distinction entre les
combattants djihadistes belges, présumés ou
coupables, les femmes belges de ces combattants
et leurs enfants de nationalité belge ou qui peuvent
y prétendre. La justice interroge l’État belge sur
l’enjeu spécifique du retour des enfants mineurs,
puisque l’accord de gouvernement fédéral ne
donne aucune position politique à cet égard. Or,
comme le rapporte la défense de l’enfant détenue
en Syrie avec sa mère belge depuis 2017, vous
aviez déclaré, le 10 avril 2025 , Monsieur le
ministre, que l’État belge aiderait activement au
retour des enfants de moins de douze ans qui se
trouvent encore dans un camp en Syrie. Cette
situation interroge les obligations de la Belgique
envers ses ressortissants mineurs et le respect de
l'intérêt supérieur de l'enfant.
En conséquence, monsieur le ministre peut-il me
faire savoir si il confirme la position de l'État belge
dans ce dossier et peut en exposer les motifs
Comment cette position se concilie avec les
engagements internationaux de la Belgique,
KAMER-3E ZITTING VAN DE 56E ZITTINGSPERIODE
31
15/07/2026
2025
notamment la Convention relative aux droits de
l'enfant et le principe de l'intérêt supérieur de
l'enfant Combien d'enfants belges se trouvent
encore dans les camps du nord-est syrien, et
quelle est la doctrine actuelle du gouvernement en
matière de rapatriement des mineurs Quelles
démarches diplomatiques et consulaires sont
menées pour assurer la protection de ces enfants,
et envisagez-vous une révision de la doctrine de
rapatriement?
si l’État belge respectera l’arrêt prochain de la Cour
d’Appel de Bruxelles si celle-ci ordonne le
rapatriement de cet enfant?
04.02 Alexander Van Hoecke (VB): Mijnheer de
minister, het Brusselse hof van beroep heeft in juni
beslist dat de Belgische Staat maatregelen moet
nemen zodat een vrouw die zich heeft aangesloten
bij IS kan terugkeren naar ons land. Die vrouw
heeft de Belgische nationaliteit en moet volgens de
rechtbank samen met haar tienjarige dochter
kunnen terugkeren naar België vanuit het Syrische
gevangeniskamp Al-Hol.
De overheid heeft van de rechtbank een maand de
tijd gekregen om de nodige stappen daartoe te
zetten. Vorige week hebben we in de pers kunnen
lezen dat het vonnis ondertussen is betekend. Als
geen gevolg wordt gegeven aan het arrest, zal de
Belgische Staat een dwangsom van 2.500 euro per
dag vertraging moeten betalen. Dat bedrag zou
worden gestort op de bankrekening op naam van
de minderjarige dochter.
In het regeerakkoord staat heel duidelijk het
volgende, en ik citeer: "Wij zorgen ervoor dat, in het
belang van onze nationale veiligheid, terroristische
strijders niet naar ons land kunnen terugkeren." Die
vrouw is natuurlijk een terroristische strijder. Laat
ons daar absoluut geen verwarring over zaaien. Ik
heb daarover een aantal vragen. Die had ik
oorspronkelijk gericht aan de minister van Justitie,
maar zij heeft mij doorverwezen naar u, de minister
van Buitenlandse Zaken.
Ten eerste, wat is uw reactie op die uitspraak? De
minister van Justitie heeft de gewoonte te zeggen
dat zij daarover geen reactie heeft. Ik vind echter
dat politici en ministers daar wel degelijk een
standpunt over moeten innemen. We moeten wel
degelijk een visie hebben wat we daarover denken.
Ten tweede, zal het arrest van het hof van beroep
nog worden aangevochten? Zal bijvoorbeeld
cassatieberoep worden ingesteld? Zo ja, welke
stappen zult u daartoe zetten of werden daarvoor
al gezet? Zo niet, welke stappen zal de regering
dan zetten om de terugkeer van die IS-strijdster en
2026
CHAMBRE-3E SESSION DE LA 56E LÉGISLATURE