CRIV 56 COM 394
M. Boukili sur les Israel Files, en vous confirmant
que mes services ont été sollicités dans le cadre
de l'enquête. Ils ont répondu à plusieurs questions
d'un journaliste. Les démarches épinglées des
autorités israéliennes ont donc eu lieu sous un
précédent gouvernement, bien avant ma prise de
fonction.
Notez qu'il n'y a en soi rien d'étonnant que des
représentants d'un pays tentent de faire valoir des
arguments en leur faveur ou en faveur de l'image
de leur pays. Il s'agissait à l'époque, ai-je appris,
pour votre information, non d'un représentant
diplomatique classique, mais d'une haute autorité
judiciaire ou quasi-judiciaire pour un dossier
judiciaire.
De façon générale, nous restons bien entendu,
comme j'ai déjà eu l'occasion de le dire ici, vigilants
face à tout risque d'ingérence éventuelle d'un pays
étranger, quel qu'il soit.
De voorzitster: M Boukili n'est pas présent.
03.09 Kathleen Depoorter (N-VA): Mijnheer de
minister, ik dank u voor uw heel volledig antwoord.
Wat betreft mijn vraag over het onderzoek van
Global Eco Litigation Center, we hebben uiteraard
het akkoord van september, dat we loyaal willen
uitvoeren, maar ik heb u al van bij het begin mijn
bezorgdheid getoond over de uitvoering. Het
onderzoek dat nu is vrijgegeven, getuigt daar ook
van. U zegt dat u het zelf al hebt gemeld bij
mevrouw Kallas en zij heeft aangekondigd dat ze
naar het verzoek kijkt en maatregelen zal nemen.
Als we streven naar een importban, maar als die
omzeild kan worden door mengelingen te
verkopen, door onvoldoende controle op de
postcodes of door met postbussen te werken, dan
is dat opnieuw een symbolische maatregel. Van bij
het begin van deze crisis hebben wij gezegd dat als
we impact willen hebben, we niet veel vooruit
zullen komen met symbolen. Als er afspraken
worden gemaakt, moeten we ervoor zorgen dat die
ook uitgevoerd kunnen worden. Hetzelfde wat
betreft de persona non grata. Daarvoor verwijzen
we naar de Europese sokkel. We schrijven ons
altijd in het Europese consensusmodel in en ook
hier vinden we dat dat absoluut het geval moet zijn
en blijven.
03.10 Sandro Di Nunzio (Anders.): Mijnheer de
minister, dank u voor uw antwoorden. Het is goed
dat we het er allemaal over eens zijn dat Israël het
internationaal recht schendt in Gaza en dat Israël
gebieden bezet die het niet zou mogen bezetten.
KAMER-3E ZITTING VAN DE 56E ZITTINGSPERIODE
25
17/06/2026
2025
We zijn het er dus allemaal over eens dat er een
importverbod zou moeten komen voor producten
uit die bezette gebieden. Dat is duidelijk en ik denk
dat we daaromtrent allemaal op dezelfde golflengte
zitten. Het is goed dat u daarvoor pleit op Europees
niveau. U zegt dat hier ook heel helder en dat is
positief. U zit op dat vlak mee aan de kop van het
peloton, als ik het zo mag uitdrukken.
Het punt dat ik wil maken met mijn vraag, is dat u
met uw regering in september 2025 een akkoord
hebt gesloten. We zijn nu juni 2026. In dat akkoord
stond dat ook voor ons land een importverbod op
poten zou moeten worden gezet. We zijn nu zoveel
maanden later, maar dat akkoord is er nog altijd
niet. Dat is natuurlijk het punt dat ik met mijn vraag
wil aankaarten. Als uw regering daarover een
akkoord sluit, kan het toch niet dat de uitvoering zo
lang op zich laat wachten?
U zegt dat u er bijna bent en dat de resterende
discussiepunten niet technisch, maar politiek van
aard zijn. Dat stelt mij niet gerust. Dat is ook
typerend voor deze regering, niet alleen binnen dit
domein. Elk akkoord komt moeizaam tot stand en
als het er eenmaal is, duurt het soms nog weken of
maanden voordat het wordt uitgewerkt. Kijk maar
naar de programmawet: ergens in december was
er een begrotingsakkoord, maar het heeft
vervolgens nog maanden geduurd voordat alles
uitgewerkt was. Dat is typerend voor deze regering.
Ik neem aan dat dat ook voor u frustrerend is. Ik
heb al gezegd dat ik u niet benijd in uw situatie.
Maak er alstublieft werk van en zorg ervoor dat
gemaakte akkoorden worden gerespecteerd en
uitgevoerd, ook wanneer het gaat over een
importverbod voor producten uit de door Israël
bezette gebieden.
03.11
Sarah Schlitz (Ecolo-Groen): Merci,
monsieur le ministre, pour vos réponses. C'est la
deuxième fois que je suis ce dossier en Affaires
extérieures et que vous nous expliquez qu'on ne se
rend pas compte à quel point la Belgique, à travers
votre action, est à la pointe en comparaison avec
d'autres pays ou d'autres dirigeants européens.
Mais ce qui me titille, c'est que ce n'est pas parce
qu'on a 8 sur 20 et que les autres ont 5 sur 20 qu'on
a réussi. Ce n'est pas à vous que je vais l'expliquer.
Aujourd'hui, malheureusement, si je devais mettre
en cette période un mot dans votre bulletin, je
dirais: "M. Prévot Maxime a fait des efforts au
deuxième quadrimestre mais, malheureusement,
ils ne portent pas encore leurs fruits". La situation
sur le terrain reste catastrophique. C'est au regard
2026
CHAMBRE-3E SESSION DE LA 56E LÉGISLATURE